Zonder dwang, volledig vrijwillig en spontaan…

In het Burgerlijk Wetboek zijn de bevoegdheden van de kapitein van een schip nader omschreven. Naast dat ie een schip moet managen en laten varen, zijn er nog wat bij-komende klusjes. Ambtenaar van de burgerlijke stand, executeur testamentair en officier van justitie zijn de mogelijkheden om nog wat extra’s bij te verdienen.             Aan de eerste twee parttime functies ben ik helaas/gelukkig nooit toegekomen. De laatste wel, ofschoon… niet van harte. Veertig jaar geleden mocht de kapitein van een schip elk bemanningslid in plaats van kielhalen, een gagestraf opleggen. Maximaal van tien dagen van een maandgage. Bijvoorbeeld bij wangedrag, vechten, dronkenschap of wanneer de gezagvoerder in het openbaar met het geslachtsdeel van een mannetjes-hond werd vergeleken. Dàn moest er worden opgetreden en daartoe was het opleggen van een gagestraf een mogelijkheid. Juridisch-maatschappelijk gezien een vrij unieke situatie. Daar zijn later alleen profvoetballers bij gekomen.

Toen ik kapitein werd, barstte ik van de goede voornemens. Eén ervan was dat ik vast van plan was om nooit iemand gagestraf op te leggen. Eigenlijk vond ik het een achter-haald stompzinnig stukje wetgeving en was ik van mening dat er betere manieren waren om iemand te corrigeren. Daarnaast zat er nogal wat papierwerk aan vast en daar had ik een hekel aan. Het is me uiteindelijk gelukt het om gedurende tien jaar kapiteinschap met wat creativiteit steeds te vermijden. Alleen tijdens mijn allerlaatste reis ging het verdorie nog bijna mis…

De Kerstdagen en de jaarwisseling hadden we in Port Harcourt, Nigeria doorgebracht. Een oord waar een normaal christenmens nog niet begraven zou willen liggen. Toch gingen er de laatste avond voor vertrek nog een paar jongelui de wal op. Naar mijn mening volslagen suïcidaal, want het nachtleven van Port Harcourt was het ultieme Sodom en Gomorra. Alleen een stuk donkerder. Helaas worden mannelijke hormonen daar onweerstaanbaar door aangetrokken. Okay… mijn zaak niet!                                    Bij de gangway vermeldde het bord dat de walpermissie uiterlijk tot 0400 hrs was. Het schip moest namelijk bij daglicht en met hoog water vertrekken, bestemming Lomé in Togo. Loods en sleepboot waren besteld voor 0730 hrs.                                                    Toen ik wilde vertrekken, hoorde ik via de eerste stuurman dat er nog twee man ontbra-ken, de marconist en een assistent-werktuigkundige. Terwijl mijn bloeddruk omhoog-schoot en ik pislink begon te worden, kwam er in de verte in een stofwolk een taxi aan gescheurd, waaruit twee verkreukelde bemanningsleden rolden die schuldbewust de gangway op strompelden. Waarna wij haastig vertrokken.

De twee zondaars werden een uurtje later op de brug ontboden. Kregen te horen dat zij de volgende dag voor de scheepsraad dienden te verschijnen. De wetgever was wèl zo slim geweest om een afkoelingsperiode van 24 uur te verordonneren voordat de gezag-voerder gagestraf mocht uitdelen. Een kwaaie kapitein is tenslotte ook maar een mens..! De rest van de dag probeerden die twee ellendelingen via mijn meevarende echtgenote erachter te komen welk vreselijk lot hen te wachten stond.                         De volgende morgen drentelden twee timide knullen het stuurhuis binnen, waar zij met ijzige blikken door kapitein, eerste stuurman en eerste WTK werden ontvangen. Met hoor en wederhoor hadden wij op de koopvaardij geen ene flikker te schaften. Zij waren allebei beduidend later dan 0400 hrs terug aan boord gekomen, ergo… gloeiend de lul! Ik gaf aan te overwegen tot de zwaarst mogelijke gagestraf te besluiten, tenzij…

Het waren alle twee hartstikke leuke jonge gasten, goed voor hun werk en aan het begin van een wellicht glanzende carrière. Maar afspraken werden aan boord uitslui-tend gemaakt om nagekomen te worden. Daar moesten ze toch even expliciet op wor-den gewezen.                                                                                                          Daarom stelde ik hen voor als laatste redmiddel om aan die  gagestraf te ontkomen, te overwegen of zij soms ‘geheel zonder enige dwang, volledig vrijwillig en spontaan’, per persoon een donatie van vijfenzeventig piek wilden doen aan het Boekenfonds van de Bibliotheek voor Zeevarenden. Bedenktijd… drie héle seconden!                                 De knapen gingen er opgelucht grijnzend mee akkoord. Ondergingen daarna schuld-bewust mijn tirade over het te laat komen en alle kosten die het met zich mee had kunnen brengen… ‘en nu opgesodemieterd…!’ In de kaartenkamer staken zij heimelijk een olijk duimpje op naar mijn proestende echtgenote.                                                Zoals gebruikelijk kreeg ik later weer een allervriendelijkste bedankbrief van de admini-strateur van het Boekenfonds. Dàt was mijn versie van proportioneel straffen…

Één reactie op “Zonder dwang, volledig vrijwillig en spontaan…

Reacties zijn gesloten.