Wel herdenken, geen mea culpa…

Gerelateerde afbeelding

Eergisteren werd herdacht dat wij hier vijfenzestig jaar geleden door een ramp werden getroffen. De Ramp… dat hoeft verder geen nadere toelichting. Niet voor Zeeuwen van mijn lichting. De Ramp van 1 februari 1953 betekent voor mijn generatie een scharnier-punt in ons leven. Ook voor mij, ook al was ik nog maar zeven jaar oud. Alleen op dat moment wist ik dat nog niet.                                                                                           Op zaterdagmiddag 31 januari 1953 wisten de oude schippers en vissers die stonden te schuilen bij het cafeetje van Schothorst op de Hansweertse Werfdijk al dat er iets ramp-zaligs stond te gebeuren. Het hoge water was bij de eb vrijwel niet meer gezakt… Met het volgende springtij zou dat wel eens voor catastrofale dingen kunnen zorgen… Zij wisten het toen al en ik luisterde vol ontzag. Maar het bevoegd gezag keek weg…

Hansweert is in de daaropvolgende nacht niet overstroomd, al scheelde het weinig. De Werfdijk kalfde aan de binnenkant gevaarlijk af. Reden om het dorp Hansweert ’s nachts om drie uur te  ontruimen. Hansweert bleef uiteindelijk gespaard omdat verderop de dijken van Kruiningen, Waarde, Rilland en Bath  op in totaal elf plaatsen doorbraken. Het water in de Westerschelde zakte toen zodanig dat de dijk van Hansweert het hield.                                                                                                                                         Wij waren met het gezin naar Goes gevlucht, maar konden al snel weer terug naar huis. Ik heb daarom alle verwoestingen gezien. De gaten bij de Sandeeweg, de volledig weg-geslagen Veerhaven van Kruiningen, de veerboot ‘Willemsdorp’ midden in de polder, de gebroken Belgische binnenvaarttanker ‘Capella’ en vooral veel dood vee, aangespoeld tegen de binnenkant van de dijken. Kruiningen lag er surrealistisch bij, totaal omgeven door het water. Dat er zoveel mensen waren verdronken, drong toen nog niet helemaal door. Later bij mij ook niet echt. Daarvoor gebeurde er ook op Hansweert teveel. Het schoolgebouw aan de Schoolstraat werd gevorderd voor de huisvesting van vluch-telingen uit de Kruiningse polders. Dus de schooljeugd van Hansweert was wekenlang vrij, bepaald geen straf. Hansweert werd een logistiek centrum voor hulpverlening, opruimingswerkzaamheden en dijkherstel. Een eldorado voor de jeugd, er gebeurden voortdurend allerlei niet alledaagse dingen. Meedraaien in de cabine van een dragline was een van mijn favoriete bezigheden. Op het fietsje over de sluizen om op de Zand-dijk naar de aankomst van de DUKW’s te kijken die varend en rijdend over de Rijksweg langs ‘Inter Scaldes’ naar Kruiningen pendelden. Aan de stank van de kadavers van het vee dat tegen de Zanddijk lag, waren we vlug gewend. Lopen te schooien bij de grote veldkeukens van de soldaten, die meehielpen om de eerste nood te lenigen. Voor een zevenjarig jochie was de periode direct na de Ramp een ontzettend opwindende tijd. Het drukte het drama van de Ramp volledig naar de achtergrond.                                     Pas later begon het door te dringen dat er een Ramp had plaatsgevonden en dat er in Nederland 1836 slachtoffers waren te betreuren. Geen directe slachtoffers in mijn familie. Misschien ook daardoor heb ik aan de Ramp geen traumatische herinneringen overgehouden. Wel heb ik later met ontzetting kennis genomen van de echte oorzaken van de Ramp. Natuurlijk was er een dagenlange zware Noordwester storm in combi-natie met een springtij. Daarbij de abominabele staat van de dijken in Zeeland. Maar veel slachtoffers lijken echter ook te wijten aan het volledig disfunctioneren van het bevoegd gezag. De woorden van de oude vissers en binnenschippers de dag voor de Ramp klonken jarenlang steeds luider door mijn gedachten. Het getij van zaterdag 31 januari 1953 had het bevoegd gezag, waaronder de dijkgraven, de burgemeesters, Rijkswaterstaat etc in een code donkerrood moeten brengen. Maar zij keken weg…      De Commissaris van de Koningin had die bewuste zaterdagavond een feestje in Hulst en de veerboot van Kruiningen moest daarvoor nog een reis maken. Het zou allemaal wel loslopen…!

Vijfenzestig jaar later stond het bevoegde gezag natuurlijk weer vooraan bij de her-denking in Ouwerkerk. Men herdacht met omfloerste stem maar een officieel mea culpa kon er niet vanaf. Nederland heeft van oudsher erg veel moeite om misstanden uit het verleden te erkennen en hiervoor schuld te belijden.                                                    Een dezer dagen ben ik naar het monumentje bij de Johanneskerk gegaan en heb daar naar de namen van vader en zoon Leendertse gekeken. Zij verdronken in een bus van de AMZ en waren vrienden van mijn ouders.

   Send article as PDF