Balletje-balletje met de stembus

Gerelateerde afbeelding

Eigenlijk te gênant voor woorden om iets over de aanstaande verkiezingen voor de provinciale staten te roepen of schrijven. Democratie op z’n raarst.
Wij mogen gaan kiezen voor wie we het liefst in onze provinciale staten willen zien. Die tot statenlid verkozen meisjes en jongens kiezen vervolgens de leden van de eerste kamer. De manier waarop dat laatste dan gebeurt, is een ontzettend ondoorzichtig gedoe. Met een ingewikkelde verdeelsleutel per provincie. Daar komt het klootjesvolk niet meer aan te pas. Het zijn getrapte verkiezingen en waar dat dan voor nodig is, blijft obscuur. Om dat helemaal te snappen moet je hoogbegaafd zijn en/of heel lang doorgeleerd hebben. Aangezien ik aan beide criteria niet voldoe, snap ik er dus geen jekko van.

Daar zit dus al een deel van dat ‘gênante’ in. Dat ik het niet begrijp en met mij nòg pak-weg zeventien miljoen Nederlanders. Een extreem hoog percentage Nederlanders heeft geen flauw idee wie de statenleden van hun provincie zijn, wat ze precies uitvreten en laat staan hoe en waarom dat die grappenmakers dan onderling moeten uitmaken wie er in de eerste kamer komt. De eerste kamer heeft vijfenzeventig doortrapt gekozen kamerleden. Over het algemeen zijn dat uitgerangeerde oud-politici of  kleffe vriendjes van het establishment. Een van nature nogal titelgeil volkje, dus noemen zij zichzelf pontificaal ‘senator’. Ook de naam van de eerste kamer vinden ze zelf een beetje ordinair, daar hebben ze maar ‘senaat’ van gemaakt. Volkomen ongrondwettelijk want zo heet die fossielencollectie helemaal niet. In België en Amerika wel, maar in Den Haag heet dit clubje doortrapt gekozen figuren gewoon ‘kamerleden’.                            In Nederland is het sowieso heel trendy om voor elk beroep een aansprekende naam te verzinnen. De baas van een bedrijfje noemt zich bij voorkeur CEO. Een hulpveld-wachter heet BOA. Hoeren willen heel chique met prostituee of sexwerker worden aan-geduid. Vuilnismannen gaan tegenwoordig als medewerkers van het Serviceteam door het leven. Er zijn blijkbaar ook veel gewichtige functies uit Engeland komen overwaaien want elke aansprekende baan heeft een Engelse naam. Baltsen met een titel is een vorm van sociale masturbatie.                                                                                     Over wat de provinciale staten en de eerste kamer precies doen kunnen we kort zijn. Niks bijzonders! Want als dat wel zo zou zijn dan liepen de ministers en de leden van tweede kamer zich nu niet het vuur uit hun sloffen om voor deze verkiezingen van provinciale staten zieltjes te winnen. Feitelijk hebben ze er geen ruk mee te maken. Homemade-Zeeuw Hugo de Jonge zette de zaak in Zaamslag op stelten en zelfs Mark Rutte landde in Terneuzen. Daar hield ie ‘speeddates’ en dat is dan weer een trendy Engels woord voor ‘lulsmoesjes verkopen’. Waar bemoeien die gasten zich eigenlijk mee?                                                                                                                           Maar dat heeft er dan weer alles mee te maken dat de politieke samenstelling van die eerste kamer bij voorkeur een beetje hetzelfde zou moeten zijn dan de tweede kamer waar uiteindelijk de regeringscoalitie is gevormd. Dus eigenlijk zijn de provinciale staten en de eerste kamer maar onbeduidende bijkantoortjes van de tweede kamer. In de tweede kamer wordt de macht uitgeoefend, de rest zit maar gewoon een beetje zeep-bellen te blazen.                                                                                                                  Zo heel af en toe gaat er nog wel eens een ‘senator’ dwars in de vaargeul liggen. Zo’n dissidente ‘senator’ mag dan heel even van zijn ‘finest moment’ genieten. Alle camera’s en microfoons richten zich op hem/haar. In 2014 liet ‘senator’ Adri Duivensteijn van de PvdA het land dagenlang in het ongewisse of ie voor of tegen het Woonakkoord zou stemmen. Het land schudde op z’n grondvesten, maar Adri had uiteindelijk toch slappe knieën. In 1999 had de flamboyante  VVD-coryfee ‘senator’ Hans Wiegel nog net kloten genoeg om tegen het correctief referendum te stemmen en daarmee een paars kabinet te laten sneuvelen.                                                                                                         Het Grote Zeeuwse Verkiezingsdebat had een tenenkrommend en inspiratieloos niveau. Het meest interessante van het RTL-Verkiezingsdebat met alle landelijke kopstukken waren de reclameblokken en het woord ‘provincie’ is überhaupt niet eens gevallen. Of ik moet even weggedommeld zijn.                                                                  De verkiezingen van 20 maart a.s. die gepresenteerd worden als de coïtus van onze democratie, zijn in feite niks meer of minder dan een ordinair spelletje balletje-balletje. Het gaat overal over, maar niet over provinciale zaken. Staatsrechtelijke verneukerij van de illusie die ezeltje-prik-democratie heet. Héél gênant!

 

   Send article as PDF