De mooiste klapbanke van Kruunehe

 

De mooiste klapbanke van Kruunehe staat bovenop de dijk, aan de westelijke hoek van de Veerhaven, bij dijkpaal 216. Begin juni 2015, na eenenzestig jaar toch weer terugge-keerd in Kruunehe kreeg ik daar ’s morgensvroeg om vijf uur in de ochtendschemering ook mijn allesoverweldigende ‘Back-to-the-Roots’-visioen. Genietend van een in het gras ravottend piepjong Kooiker-puppy, daalde het geruststellende gevoel in eindelijk weer terug te zijn waar ik hoorde.

Gewoon een magisch plekje met een overweldigend panorama. Over de akkers van Poleij, het dorp Kruunehe, de nieuwe wijk Kruse Veer, de oude Veerhaven, de alles-overheersende rivier, de Zeeuws-Vlaamse kustlijn met aan de ene kant de contouren van Antwerpen en aan de andere kant de skyline van Terneuzen. Het duurt wel even voor je daar bent uitgekeken en je komt er ook altijd weer wel een keertje terug.          Dat geldt ook voor Yentl Schieman, onze eigen landelijk bekende Kruse cabaretière. Toen zij gevraagd werd naar haar drie meest favoriete plekjes van Kruunehe, fietste ook zij naar die klapbanke op de dijk.                                                                                      Ik heb de mazzel er elke dag met Pepe langs te komen. Heel vaak zitten er mensen, vooral ’s avonds om van de zonsondergang te genieten en al het andere moois. Als er ooit ergens op de dijk nog eens een mooi informatietableau zou moeten komen om het de bezoekers duidelijk te maken op welke opmerkelijke plaats zij zijn beland, is het hier wel! Met weetjes over de geschiedenis van Kruunehe, het gat in de dijk bij de Sandee-weg en de in zijn geheel weggespoelde Veerhaven in 1953, schepen van de toenmalige veerdienst, de rivier en haar geulen, de scheepvaart, de zeehonden, etc. Dáárover zou een van onze lokale politieke primaten eens een boertje moeten laten.

Ook ’s morgens zitten er al vaak mensen te genieten. Zoals die meneer, een jongeheer van ongeveer mijn leeftijd, op die mistige zondagmorgen. Luisterend en turend naar een passerend Maersk-containerschip dat zwaarmoedig toeterend door de mistflarden een weg zocht naar Antwerpen.                                                                                          ‘Môggûûh…’ wensten wij elkaar wederzijds. Daarbij herkende ik vrijwel meteen een duidelijk Schevenings accent. Ik heb ‘vroeggûûh’ zowel aan boord van schepen als later in de Vlissingse haven veel met Scheveningers te maken gehad. Het krioelde daar van de Vroijkjes, de Den Heijertjes, de Toetjes, de Van der Zwannetjes en de Pronkjes.        Aan boord altijd goede, hardwerkende, godvrezende zeelui met een van huis uit ingeboren respect voor de schipper. Mannen, die je voor een haastklus dan ook altijd zonder probleem vanachter hun bord eten in de messroom kon halen met de bekende Scheveningse kwinkslag…’Mannûûh, ik gun jullie het eten wel…alleen de tijd niet!’          Dat zangerige accent was daarom haast onmiskenbaar. En was ik zo onbescheiden te vragen of meneer inderdaad van Scheveningen kwam en of meneer hier dan soms op bezoek was. Meneer kwam inderdaad van Scheveningen, maar woonde sinds een paar maanden hier in Kruunehe. Zelfs vlakbij, in een fraai nieuw huis met een vrij uitzicht over het land van Van Hootegem en over de zeedijk. Gewoon, een buurman dus!      Vanzelfsprekend wilde meneer weten hoe ik zijn tongval herkende en toen bleek dat hij ook nog met de visserij te maken had gehad, gingen spontaan de spraakwatersluizen wagenwijd open. Binnen de kortste keren hadden we onze Grootste Gemeenschap-pelijke Deler te pakken…de familie Van der Zwan, reders van de bekende firma Jaczon. Op Scheveningen beter bekend als ‘De Blauwtjes’. Daar hadden wij beiden zakelijk heel veel mee te maken gehad. Meneer op de visserij en ik jarenlang in de Vlissingse haven. De Scheveningse namen, feiten en gebeurtenissen stuiterden royaal over de dijk en doorkletsend bleek ook dat wij zelfs samen nog op het uitbundige veertigjarig jubileumfeest van de firma Jaczon waren geweest, maar ook op de indrukwekkende begrafenis van Baas Jaap van der Zwan, ruim vierentwintig jaar geleden. Frappant!

Wij hadden nog wel een uurtje kunnen doorpraten. Maar Pepe werd ongeduldig en meneer had ook nog wat op het programma staan. Tenslotte stelden wij ons aan elkaar voor en kwamen wij overeen elkaar te tutoyeren. Altijd prettig voor een volgende keer.    Fascinerend te bedenken wat er zo door de jaren op zo’n klapbanke aan verhalen van mensen allemaal de revue zal hebben gepasseerd.                                                          Goed dat die klapbanke behalve uitnodigend ook altijd heel discreet blijft.

   Send article as PDF   

4 gedachten over “De mooiste klapbanke van Kruunehe

  1. Daer bin zo vee mooie plekjes in Zeeland Alexander.
    Mè dat plekje in Kruunehe stè zeker in de top 10.

    • Zeg Andries, wanneer heb jij voor het laatst iemand ontmoet die objectief was?
      Tuurlijk zijn De Punt en de Kiekuut ook prachtige stekken, maar…

Reacties zijn gesloten.