Was het nou wel zo’n goed idee…?

Dat de Oosterschelde afgesloten moest worden, was na 1953 wel duidelijk. De vraag was alleen hoe! Van het oorspronkelijke plan om dat dan maar net zo te doen als in de Grevelingen, met een dikke dam, werden een paar mensen nogal boos. Een partij kwaaie Yesenaren en de opgefokte groene jongelui. De historie en het resultaat zijn bekend… Grevelingen eerst potdicht en Oosterschelde steeds half open.                    Interessant om een generatie later eens kijken of dat nou allemaal wel zo slim was.

Aan de meest urgente doelstelling lijkt ook in de Oosterschelde te zijn voldaan. Bescherming tegen extreme stormvloeden van achterliggend land en bevolking achter zo’n 225 kilometer zeedijken die anders toch wel heel drastisch verhoogd en verstevigd hadden moeten worden. Dat was de primaire noodzaak en daaraan is voldaan. De  Zeeuwen, de Zuid-Hollanders en de West-Brabanders kunnen ook bij storm en springtij, ’s nachts als de wind rond het huis buldert toch weer ongestoord achter de gebreide broek kruipen. Da’s veel waard, ook wanneer het inmiddels door de huidige generatie al helemaal als een vanzelfsprekendheid wordt beschouwd. Zo vanzelfsprekend dat men zich intussen al weer ongestoord aan de bijzaken van de afsluiting van deze zeegaten kan bezighouden. Je druk kunnen maken over bijzaken is altijd een heldere indicatie dat de primaire doelstelling is bereikt.

Oosterschelde en Grevelingen zijn pareltjes geworden aan de kroon van de Zeeuwse watersport. Talloze jachthavens liggen boordevol plezierbootjes die altijd merkwaardig veel binnen liggen. Misschien maar goed ook, want anders zou het weleens erg druk kunnen worden op het water. Het heeft in elk geval aardig wat vrijwel teloorgegane en ingeslapen vissersplaatsjes weer tot veel levendigheid gebracht, inclusief de nodige economische oppeppers. Ook een goed verhaal dus.                                                  Onder water is het wat minder. Er ontstond vrij snel een natuurverschijnsel dat hier in deze streken nog vrij onbekend was…zandhonger. Zandplaten die vanwege de vermin-derde of geheel weggevallen getijstroming langzaam maar zeker de diepere geulen inschoven. Een onverwacht snelle nivellering van de zeebodem. Die zandhonger heeft in enige decennia die prachtige zandplaten voor Yese, waarop heel veel Yesenaeren ’s zomers met laag water naar hartenlust recreëerden, zo langzamerhand tot een paar modderbanken gemaakt.                                                                                                  De getijdenloze Grevelingen heeft op teveel plaatsen volkomen dood en brak water waardoor de onderwaterflora het loodje heeft gelegd. Maar daar wordt aan gesleuteld, al loopt dat wat stroef. Ondanks de beschermde status van de Oosterschelde als natuurmonument heeft Rijkswater gemeend wel heel royaal met staalslakken dijkaan-zetten en brugpijlers te moeten gaan verstevigen. Volgens sportduikers zijn die plaatsen verandert in onderwaterwoestijnen. TennetT moest er bij Krabbendieke zonodig een stel hoogspanningsmasten inplanten.                                                                                    De diverse visstanden in de Grevelingen en de Oosterschelde hebben zware klappen gekregen. De sportvisserij stelt in vergelijking met decennia terug maar heel weinig meer voor. Er wordt haast niets meer gevangen. De echte diehards uit Yese gaan tegenwoordig naar de Westerschelde om nog een visje te kunnen vangen. Maar daar is het weer vergeven van Belgische PFAS. In de Oosterschelde is de ooit zo rijke paling-stand door een virus vrijwel geheel verdwenen. Door het uitgeven van veel te veel vergunningen wordt nu ook de kreeftenstand vakkundig om zeep geholpen. Volgens kenners is het binnen een paar jaar met de kreeften gedaan, voornamelijk vanwege de overbevissing. De oesterboorder en de noodzaak voor het ecologisch vernieuwen van de mosselcultuur zorgen er voor dat men in Yese, Zierikzee en Bruu steeds minder vrolijk kijkt.

De ingrepen voor de afsluiting van Grevelingen en Oosterschelde waren naast de noodzakelijke waterkeringsbescherming ook ecologische experimenten en daar wordt nu terecht momenteel veel aandacht aan besteed. Voor die waterkeringsdoelstelling had men destijds een duidelijke visie. Maar voor de ecologische gevolgen keek men vijftig jaar geleden grotendeels in een zwart gat.                                                              ‘Lessons learned’ moet voor de toekomst veel input opleveren. Want de Zeeuwse delta is nog lang niet klaar. Da’s ook het leuke om in een delta te leven, die is namelijk nooit klaar. Over een generatie moeten we ook hier weer stevig aan de bak. Beetje koffiedik kijken natuurlijk maar ik kan nog wel een paar leuke dingen verzinnen die we straks moeten aanpakken om in het Zeeuwse nog een beetje droge voeten te houden.          Oosterschelde en Grevelingen waren voor ons niet meer dan een generale repetitie op een serie veel grotere projecten die ons ook weer de nodige uitdagingen en keuzes zullen stellen. Over het feit of de afsluitingen van Grevelingen en Oosterschelde nu wel of geen goede ideeën waren, zijn de geleerden van de diverse disciplines nog met elkaar in discussie. Dat levert dan hele interessante visies op. Want elke generatie maakt nu eenmaal zijn eigen keuzen. Totdat we geen keus meer hebben…

   Send article as PDF