De klanken van mijn jeugd…

Toen wij in 2015 van Vlissingen naar Kruunehe verhuisden, kwamen er voor mij onver-wacht nog een aantal momenten die duidelijk illustreerden dat dit hier toch een soort thuiskomen was. Weliswaar kwam ik niet thuis in Hansweert waar ik de eerste acht jaar van mijn jeugd woonde. Maar vanaf Kruse Veer kan ik Hansweert wel goed zien liggen. Althans, het torentje van de katholieke kerk! Het enige dat nog boven het struweel uitsteekt.

Die katholieke kerk is een symbool van Hansweert. Een rooms-katholieke enclave in een protestantse wereld, met zwarte kousen en verlicht-hervormden. Mijn grootouder-lijke familie hoorde bij de zwarte-kousen-brigade en daarom was destijds een bezoekje aan de rooms-katholieke kerk ‘not done’.                                                                          Hansweert was in die dagen ook allesbehalve een braaf ingetogen kerkdorp, zoals Kruunehe nu wel is. Heel veel middenstand met de klemtoon op café’s. Veel reuring vanwege de binnenvaart en Hansweert koesterde zich met een in de omgeving met de nodige afgunst beschouwde bijnaam ‘Klein-Antwerpen’. Een heerlijke jeugd gehad in Hansweert, ondanks de watersnoodramp van 1953.                                                          Met m’n vriendjes, waaronder Frans van der Hart en Dicky Brandenburg, voetbalden wij op het trapveldje in de buurt van de katholieke kerk. In de kom tussen de Boomdijk en de Kanaaldijk, een plek die wij destijds ‘Maria Oord’ noemden. Waar het ritme van de dag altijd werd bepaald door het klokje van de katholieke kerk. Dat gaf aan dat wij als de bliksem naar huis moesten, ongeacht of wij op de sluizen speelden, op de Punt zaten om schepen te bewonderen of op het Maria Oord voetbalden. Mijn moeder Ciska heeft altijd veel steun gehad van dat kerkklokje van de katholieke kerk om haar beide jongens elke dag toch nog enigzins redelijk op tijd hijgend aan de keukentafel te krijgen.

In 2015 klonk het authentieke geklep van het kerkklokje van de katholieke kerk van Hansweert, bij westenwinden goed te horen op de Kruse Veerse dijken, voor mij persoonlijk weer als een welkomserenade van de Hansweertse harmonie Scheldegalm. Het iele geluid van het Angelusklokje trok me acúút helemaal terug in de tijd. Ik was tòch ineens weer thuisgekomen…dankzij de karakteristieke klanken van mijn jeugd…  Het dorp Hansweert zelf, anno nu, zegt mij niet zoveel meer. Teveel veranderd, te uitge-storven en de nadruk ligt momenteel meer op de nieuwbouwwijken in de Tramper dan op het oude dorp rond de Schoolstraat. De Boomdijk waaraan mijn grootouders woonden, is afgegraven. Het rode gietstalen vuurtorentje van de Punt staat notabene aan het begin van het dorp op een rotonde… De oude sluizen, weliswaar nog geconserveerd voor het nageslacht, zijn vervangen door een oostelijker gelegen betonnen complex waar omheen geen greintje reuring meer valt te beleven. Het laatste café is onlangs gesloten. De Spar Supermarkt heeft alle bakkers, slagers en kruideniers klein gekregen.                                                                                                            Leeftijdgenoten van me, nu allemaal krasse knarren, verzamelen zich nog dagelijks in een praathuis bij de havenuitgang. Eén keertje daar aangeschoven. Maar de ouwe rakkers hadden geen idee meer wie ik was of kon zijn. Eentje wist nog wel iets over mijn Opa van de Boomdijk. Hansweert is dus voor mij een vervagende verleden tijd geworden. Het enige kenmerkende nog levende referentiepunt…het kerkklokje van de katholieke kerk.

De Onze-Lieve-Vrouw-Onbevlekt-Ontvangenkerk werd in 1871 gebouwd en zal eind van dit jaar worden gesloten, zoals zoveel godshuizen. Zal voor een aantal mensen op het dorp nog best wel even slikken zijn. Hoeveel kinderen zouden er in die honderd-vijftig jaar zijn gedoopt? Hoeveel huwelijken gesloten en hoeveel plechtige uitvaart-missen opgedragen? Generaties lang! Wat stelt Hansweert zonder kerk dan nog voor als een van dé rooms-katholieke bastions van de Bevelanden?

Om ook die cirkel helemaal rond te maken, ben ik op Palmzondagmorgen in Hansweert naar de Mis gegaan. Na al die jaren wilde ik de kerk toch weleens een keertje van binnen zien. Aan de buitenkant zag het er bepaald nog niet zo erg veelbelovend uit. Een haveloze pastorie met bouwafval in de voortuin…Hèlp, mijn pastoor is klusser?      Het interieur van de kerk was eenvoudig, net als de opgedragen Mis. Bijgewoond door een dertigtal gelovigen, waaronder twee kinderen. Enig contrast met de rijke imposante Tridentijnse Gregoriaans gezongen Heilige Hoogmis die ik twintig jaar geleden een paar keer bijwoonde bij de Benedictijner monniken van de Abbay Sainte-Madeleine du Barroux in de Franse Provence. Maar ook in Hansweert gingen de gelovigen gesterkt door de Heilige Communie met een palmtakje weer huiswaarts. Kan mij er wel iets bij voorstellen dat voor de oudere generatie van Hansweert toch echt een flink stuk van de ziel van het dorp sterft, als die kerk straks sluit.                                                                Hoop alleen wel dat straks het kerkklokje van die inactieve rooms-katholieke kerk van Hansweert toch nog elke dag het Angelus blijft kleppen. Het Angelus was vroeger bedoeld om de op de velden rondom het dorp werkende landslieden op te roepen tot een moment van contemplatie. Want dat blijft nog steeds èrg hard nodig!

   Send article as PDF